Heraldische wapens in de Nederlanden

 

Verklaring en rechten houden van familiewapen

 

            

 
Regel

Nederland kent geen recht op het aannemen en voeren van een (familie)wapen.
Er is geen
wettelijk grondslag met betrekking tot het voeren van (familie)wapens.
Een ieder is vrij een (familie)wapen aan te nemen en te voeren, mits men niet onzorgvuldig handelt ten opzichte van anderen, die een bepaald familiewapen reeds voeren.

Ontstaan

Het recht van het voeren van een (vaste herkenningsteken) wapen was aanvankelijk te verkrijgen door schenking, belenen of kopen van rechten en goederen van een leenheer.
Bij uit nalatenschap van die verkregen rechten en goederen was ook het vaste herkenningsteken (het wapen) aanwezig.
Aan het gerfde wapen werd een
breuk aangebracht om in persoon een onderscheid in de familie (geslacht) te maken (vooral in de 13e en begin 14e eeuw) of nam als oudste het originele wapen over.

Gewoonterecht

Tijdens Philips II werden regels door gewoonten bepaald bij algemeen besluit van 23 september 1595. Daar de Noordelijke Nederlanden Philips II hadden afgezworen werden deze bepalingen daar niet aangenomen. In de Zuidelijke Nederlanden waren deze regels met enkele besluiten een geschreven heraldisch recht tot de afschaffing van de adel en wapens in 1795.

de wet

Men zou het aannemen en voeren van een wapen van een nog bestaande familie als een onrechtmatige daad kunnen zien.
art. 6:162 van het Burgerlijk Wetboek:

Hij die jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt, welke hem kan worden toegerekend, is verplicht de schade die de ander dientengevolge lijdt te vergoeden.
Als onrechtmatige daad wordt aangemerkt een inbreuk op een recht en een doen of laten in strijd met een wettelijke plicht of met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, een en ander behoudens de aanwezigheid van een rechtvaardigingsgrond."

 

 

Men kan het aannemen en voeren van een nog bestaand wapen toetsen aan het in art. 6:162 gestelde: "volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt" .
Is bijvoorbeeld "een wapen 50 of 100 jaar in een familie, geregistreerd en aldus aantoonbaar als familiewapen van deze familie", dan zou men ook aan de aanwezigheid van een rechtvaardigheidsgrond kunnen denken. Dit zou men ook een gewoonterecht kunnen noemen.

Wanneer men een adellijk wapen uit het Algemeen Register van de Nederlandse adel aanneemt en gaat voeren wordt dit als een wederrechterlijke toe-eigening (usurpatie) gezien.
Dit register wordt sinds de bij Soeverein Besluit van 24 juni 1814 ingestelde Hoge Raad van Adel bijgehouden en als zodanig officieel erkend.
Dit register is openbaar en kan men zien welk wapen bij welke adellijke familie behoort. Het bewijs van een onrechtmatige gepleegde daad wordt hierdoor vergroot.

De instanties waar Burgerlijke (familie)wapens geregistreerd worden hebben (nog) geen wettelijke erkenning en worden als zodanig niet officieel gezien.

De wapenregistratie van Burgerlijke (familie)wapens in het Wapenregister van het Centraal Bureau voor Genealogie kan vanwege de door de rijksoverheid erkende instelling en belast met het beheer van 's Rijks genealogische en heraldische verzamelingen als "officieel" gezien worden.

Het beste is het (familie)wapen als merk laten registreren bij het BENELUX Merkenbureau  te 's-Gravenhage om het recht van het voeren van een eigen (familie)wapen te doen laten spreken.

Breuk

Aangebracht kenteken/verandering door jongere zonen en bastaarden in het familiewapen ter onderscheiding van de oudste die het volle wapen voert.

  Born vermelding :         

 

 

 

 

                                      Home